Shot dominance – shot pace

In het voetbal moet je meer doelpunten maken dan je tegenstander om te winnen.

Trainers, coaches en ploegen hebben verschillende filosofieën en tactieken om die doelstelling te bereiken. Zo kunnen we aannemen dat Hein Vanhaezebrouck bij Gent in het kampioensjaar de nadruk legde op dominant voetbal, met veel balbezit. Dit jaar lijkt Yves Vanderhaeghe bij AA Gent er voornamelijk in te slagen de tegenstander daarin te beletten.

Om doelpunten te maken, moet je natuurlijk op doel trappen. Of zoals Ted Knutson het omschreef:

“Ondanks de diversiteit aan strategieën en tactieken beschikbaar,  is de meest waarschijnlijke manier om winnend voetbal te produceren uiteindelijk meer goeie schoten af te vuren dan je tegenstander” (Statsbomb)

Meer schoten ondernemen dan je tegenstander, dat kan je in een statistiek gieten als de verhouding van ondernomen schoten ten aanzien van het totaal aantal schoten in een wedstrijd (shot ratio).

Knipsel

In de match Sint-Truiden tegen Charleroi schoot Sint-Truiden 16 keer, Charleroi 9 keer, in die match haalt STVV dus een ratio van 16 / (16 + 9) = 64%. Dit kunnen we vervolgens voor elke match berekenen. De gemiddelde ratio in de reguliere competitie van seizoen ’17-’18 voor STVV is geschat op 50%.

Een vergelijkbare statistiek is Shot Dominantie (ShotDom). Hier wordt het aantal schoten van een team gedeeld door het aantal schoten van een ander team. Indien beide teams tot evenveel schoten kwamen in een wedstrijd, is ShotDom = 1. Indien team A 10 maal schoot, team B 5 maal, dan bedraagt de ShotDom = 2.

Knipsel2

Een schot dominantie hoger dan 1 geeft aan dat een ploeg meer op doel trapt dan je tegenstander, een ratio lager dan 1 betekent het omgekeerde. Voor Sint-Truiden tegen Charleroi is dit 16/9 = 1.77. STVV was de dominantere ploeg wat betreft het aantal ondernomen schoten. Over het gehele seizoen is de shot dominance voor STVV geschat op ongeveer 1. Over alle wedstrijden heen is Sint-Truiden niet meer of minder dominant geweest dan de tegenstanders op het vlak van aantal ondernomen schoten.

Deze statistiek wordt gebruikt omdat het een iets betere benadering is van de kwaliteit van de kansen die een ploeg gekregen heeft en weg gegeven heeft, waardoor ze beter samen hangt met toekomstige prestaties dan gemaakte doelpunten zelf. Deze schot dominantie heeft een broertje dat kijkt naar schoten op doel.

De schot op doel dominantie (ShotOnGoalDom). Deze statistiek hangt nog sterker samen met toekomstige prestaties dan gemaakte doelpunten zelf.

In de match Sint-Truiden tegen Charleroi schoot Sint-Truiden 6 keer op doel, Charleroi 3 keer, in die match haalt STVV dus een ratio van 6 / (6 + 3) = 66%. Dit kunnen we vervolgens voor elke match berekenen. De gemiddelde shot on goal ratio in de reguliere competitie van seizoen ’17-’18 voor STVV is geschat op 50%. De ShotOnGoalDom is dus ook geschat op 1.

(Tegenwoordig gaan de meeste analisten zich meer focussen op expected goals (xG) modellen die rekening houden met de kwaliteit (van de locatie) van de kansen en op die manier nog beter slagen in bovenstaande doelstellingen, maar dat is voor een volgend artikel)

 

In de praktijk 

Knipsel3

In de reguliere competitie van het seizoen ’17-’18 rapporteren we een correlatie van 0.68 tussen gemaakte doelpunten en totaal gemaakte schoten. Voor ’16-’17 was dit zelf 0.79.
Dit geeft aan dat er een robuust, positief verband is tussen aantal schoten en aantal gemaakte doelpunten. Een ploeg die het aantal schoten (op doel) domineert, kan verondersteld worden vaker te scoren dan de tegenstander.

Heel wat analisten hebben deze relatie onderzocht. Zo vond 11tegen11 dat schot dominantie en schot op doel dominantie betere voorspellers zijn van toekomstige punten dan behaalde punten en gescoorde doelpunten.

shot dominance_orde

Als we de cijfers van de reguliere competitie ’17-’18 erbij nemen, zien we dat AA Gent (1.43) , Club Brugge (1.41) en Standard (1.37) de meest dominante ploegen zijn op het vlak van afgevuurde schoten.

Club Brugge (1.61) en AA Gent (1.57) zijn ook de meest dominante ploeg qua schoten op doel (1.61). Beide  ploegen slagen er beter in om hun schoten om te zetten in schoten op doel dan de tegenstanders. Dit is een indicatie van kwaliteit.

Opvallend: in seizoen ’16-’17 slaagde de verguisde R. Weiler er wonderwel in om hoge waarden shotDom (1.75) , en vooral shotOnGoalDom (2.3) te bereiken. Anderlecht trapte gemiddeld 2.3 maal vaker op doel dan de tegenstanders.

 

Schot dominantie is natuurlijk maar een deel van het verhaal. 

Twee ploegen kunnen bijvoorbeeld eenzelfde schot dominantie ratio van 1.5 behalen, maar een heel ander kansenpatroon ontwikkelen. Bijvoorbeeld:

  • Team A: 15 schoten
  • Team B: 10 schoten

=> ratio van 1.5

  • Team A: 3 schoten
  • Team B: 2 schoten

=> ratio van 1.5

In beide gevallen is team A even dominant qua schoten op doel. Zoals geargumenteerd zal deze ratio over een grote hoeveelheid wedstrijden heen relatief goed voorspellen hoe vaak een team zal winnen.

Maar in een wedstrijd waar 25 schoten waargenomen zijn verwachten we meer doelpunten dan een wedstrijd waar slechts 5 doelpunten waargenomen zijn. Toch rapporteren we eenzelfde schot dominantie. Ted Knutson schreef voor StatsBomb een paar jaar geleden een paar artikels over schot pace in relatie tot schot dominantie.

Schot pace is het totaal aantal schoten (de som van beide ploegen) in een wedstrijd als kwantitatieve benadering van de snelheid waarmee de bal het veld over en weer gaat.

Ted argumenteert dat ploegen met een goede schot dominantie (bv. 1.5) vaker gaan scoren dan hun tegenstander, maar dat de geassocieerde schot pace mee kan bepalen hoeveel ruimte er is voor tegenslag (margin for error).

In ons voorbeeld:

Een team met een lage schot pace met 5 schoten in een wedstrijd en een schot dominantie van 1.5, heeft zelf 3 schoten afgevuurd, de tegenstander 2. Dit team heeft eerder weinig kansen om te scoren, maar ook de tegenstander heeft weinig kansen daartoe. Deze controlerende teams moeten goeie kansen afdwingen om daar vaak uit te scoren.

De ploeg met de lossere speelstijl staat een groter risico op tegendoelpunten toe, maar domineert evenzeer qua schoten en dus kansen op doelpunten. Met andere woorden, we verwachten voor beide teams doelpunten.

Wat maakt dit verschil in schot-tempo dan uit?

Ted haalt het voorbeeld aan van een vroege achterstand.

Het controlerende team moet in dit geval de strategie wijzigen. De controle moet wat opgeofferd worden om tot meer schoten te komen, zodat de achterstand opgehaald en omgebogen kan worden. Dit brengt natuurlijk met zich mee dat deze aanpassingen in de speelwijze risico’s mee brengt, de verdediging verliest bescherming, …

De ploeg met het hogere schot-tempo daarentegen heeft een spelstijl die tegendoelpunten accepteert. Ze verwachten nog steeds veel schoten op doel te kunnen creëren. Ted beschrijft het als “conceding an early goal doesn’t affect the game plan at all”.

Vandaar kan shot pace een indicatie zijn van de ruimte voor fouten (margin for error) dat een team inbouwt.

Voorbeeld

De schot dominantie van Club Brugge en AA Gent in de reguliere competitie ’17-’18 was vrij vergelijkbaar, beide ploegen domineren qua schoten ten aanzien van hun tegenstanders.

JPL1718_gd30_shotDom vs Pace

Echter observeren we wel een verschil in gemiddelde schot snelheid. Gent lijkt te opteren voor een meer controlerende speelwijze met een lagere schot-snelheid (-0.5 std. deviatie), terwijl Club Brugge het omgekeerde doet (+0.5 std. deviatie).

Gegeven hun sterke schot dominantie cijfers, werken beide strategieën. De aanname van een meer controlerende spelstijl en eerder lossen stijl komen ook overeen, totale doelpunten in wedstrijden van Gent (70) is het laagste van alle 16 ploegen, terwijl de totale doelpunten in wedstrijden van Club Brugge (101) met Waasland-Beveren (101) het hoogste is

Trivia

  • Charleroi laagste shot pace (< -1 SD) , meeste gelijke spelen (12).
  • Waasland-Beveren hoogste shot pace (~ 2 SD), shot dominance neutraal. Dit is een indicatie van attractief voetbal, maar het kan beide kanten uit. De cijfers lijken dit te bevestigen: 50 gemaakte doelpunten en 51 tegendoelpunten, samen met Club Brugge hoogste totaal doelpunten.
  • KV Mechelen vrij hoge shot-dominantie, gemiddelde shot on target dominantie. Opvallend beter dan andere laag gerangschikte ploegen. Was de kwaliteit van de kansen laag? Ongeluk? Voer voor een toekomstige blog! 

 

Bibliografie  

https://statsbomb.com/2013/11/pace-and-margin-for-error/
https://kickandrushlab.wordpress.com/2017/02/13/hoeveel-is-een-tegendoelpunt-waard/

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s